(on)volwassen-zijn

Word toch eens (on)volwassen!

Ik gooi het kleed over de tafel en controleer het op eventuele kreukels. Vervolgens leg ik het servies en het bestek keurig voor de zitplaatsen neer. Ik roer nog eens goed door mijn eigen voedselcreatie en proef of alles op smaak is. Na mijn goedkeuring plaats ik het diner op tafel. Ik strijk mijn schort nog eens goed en roep mijn ouders aan tafel. Goh, wat zouden mijn ouders lachen wanneer ze dit lezen. Want niks hiervan is realiteit.

Tussenpositie

Overdrijven is natuurlijk ook een vak. Eens in de zoveel tijd probeer ik eten te koken. Maar het is geen culinair hoogstandje. Ook al neig ik de laatste tijd wel steeds meer naar zulke perikelen. Lekker volwassen en zelfstandig worden. Want het zal eens tijd worden! Althans, dat denk ik. Mijn positie in het leven omschrijf ik als de ‘tussenpositie’. Ik sta met één been in het volwassen leven, maar mijn andere been bevindt zich nog steeds in de puberteit. En dat zorgt voor verwarrende momenten in mijn hersenpan.

Het verboden woord

Als je naar mijn leeftijd kijkt, kun je mij nog gerust een puber noemen. Of eigenlijk een adolescent. Ik moet bekennen dat ik een enorme hekel heb aan het woord ‘puber’. Bij ons thuis is dat dan ook het verboden woord. Is dat vermijding? Misschien wel. Want het wordt tijd dat men mij gaat zien als een volwassene. Ik ben aan het werk bij een grotemensenbedrijf, ik weet hoe ik de was moet doen en kan heus genieten van een ‘degelijke’ wijnproeverij. Deze gedachten verschijnen aan de ene helft van mijn bovenkamer, maar de andere helft heeft weer heel andere gedachtes.

Kind voelen en zijn

In deze kamer bevindt zich eigenlijk de ‘speelhoek’ van mijn gedachtes. Ik wil nog helemaal niet zelfstandig worden. Laat mij nog maar eventjes gepamperd worden door mijn ouders. Dan blijft er voor mij meer ruimte over om los te kunnen gaan. Op stap gaan totdat je de vogeltjes weer hoort fluiten of domme keuzes maken waar je de volgende ochtend enorme spijt van hebt. Dingen ontdekken en je eigen grenzen opzoeken, om vervolgens thuis te komen, waar je een warm bord eten krijgt voorgeschoteld. Je kleding die je een dag aan hebt gehad, ongegeneerd in (of naast) de wasmand gooien. Wellicht gaan de haren van ouders hiervan overeind staan zodra ze dit lezen. Dat snap ik ook volkomen, althans de volwassen kant van mijn bovenkamer.

Cliché

Ik besef maar al te goed dat ik niet voor altijd in deze tussenpositie zal blijven. Er komt een moment dat het kindgevoel langzamerhand slijt. Je komt terecht in het volwassen leven en ontwikkelt je eigen patroon. Ik denk dat dat ook weer rust gaat brengen voor mijzelf en mijn hersenen. Niet meer in het midden staan, maar aan een duidelijke kant. Maar hoe verschrikkelijk cliché en zoetsappig het ook klinkt, ergens diep van binnen zit nog steeds dat kind verscholen. En zo nu en dan terugkeren naar je jongere jaren: ik vind dat dit moet kunnen. Gewoon voor een dag weer het kind in jezelf naar boven brengen, op wat voor manier dan ook. Natuurlijk bedoel ik hiermee niet om te gaan spelen met Barbies of Playmobil, tenzij dit je gelukkig maakt… Maar wees niet te streng voor jezelf, wanneer je voor even weer teruggaat naar de ‘speelhoek’.

Datum: 16 december 2021