Gehandicaptenzorg

Annelies werkt in de gehandicaptenzorg

‘Nee, op zo’n dag dat ik onder de blauwe plekken thuiskom, kan ik niet altijd zeggen dat het dankbaar werk is’, lacht Annelies Nijpels. ‘Maar op al die andere dagen vind ik een baan in de gehandicaptenzorg het mooiste wat er is. Ik zou niets anders willen. Mijn werk is onderdeel van wie ik ben.’

Intrigerend

Annelies weet nog precies wanneer de liefde de gehandicaptenzorg bij haar begon. ‘Als kind mocht ik een keer met mijn ouders mee toen ze een dagje gingen varen. De schipper en zijn vrouw hadden een meervoudig verstandelijk beperkte dochter. Het meisje zat in een rolstoel en kon niet praten. Mijn vader moedigde me aan om naar haar toe te gaan en bij haar te zitten, met haar te praten en te spelen. Dat vond ik zó intrigerend! Ik denk dat het daar allemaal een beetje mee begonnen is. Later, op de middelbare school, koos ik voor een snuffelstage op een ZMLK-school en maakte ik kennis met verschillende kindjes met het syndroom van Down. Toen wist ik het zeker: dit was wat ik wilde!’

Meervoudig verstandelijk beperkt

Na de middelbare school koos Annelies voor de studie SPW. ‘Ik kon een werken-lerentraject doen bij een instelling in de buurt. Ik kwam op een woonvorm terecht en ik ben nooit meer weggegaan’, vertelt Annelies lachend. ‘Nou ja, niet helemaal dan, want ik ben later verhuisd en ben daardoor wel bij een andere instelling gaan werken, maar ik bleef wel werkzaam in de gehandicaptenzorg. Ik heb met verschillende groepen gewerkt: ik ben begonnen bij meervoudig verstandelijk beperkten, werkte daarna in een groep matig verstandelijk beperkten en toen, met wat omzwervingen, kwam ik terecht bij ernstig verstandelijk beperkten die sterk gedragsgestoord zijn.’

Dagbesteding

‘Ik werk op de dagbesteding van een locatie van ASVZ, een instelling voor mensen met een verstandelijke beperking. Wij bieden de 28 bewoners die hier wonen, én cliënten die extern wonen of verbonden zijn aan een andere instelling, dagbesteding. Eigenlijk noemen we het gewoon ‘werk’. Zo maken we schoon bij het voetbalstadion van NAC, werken we in het bos, runnen we een tearoom en doen we inpakwerkzaamheden. Allemaal werkzaamheden die erop zijn gericht om onze bewoners zich nuttig te laten voelen in de maatschappij’, klinkt het enthousiast.

Gedragsmatige problematiek

‘Onze bewoners zijn voornamelijk mannen in de leeftijd van 15 tot 76 jaar. De bewoners uit de groep waarmee ik werk, zijn qua niveau vergelijkbaar met 2- à 3-jarigen. En ze hebben allemaal te maken met gedragsmatige problematiek: borderline, schizofrenie, autisme. Voordat ze ’s morgens naar het werk kunnen gaan, moeten ze eerst geholpen worden met opstarten. De één kan dat met behulp van pictogrammen vrijwel zelfstandig, terwijl we de ander moeten helpen met douchen en scheren. Om 9.00 uur gaan we naar het werk. Ik werk voornamelijk met de mannen in het bos, maar als het nodig is, ben ik ook op andere groepen inzetbaar. Maar lekker buiten bezig zijn, doe ik het liefst: door het bos banjeren, paden schoonhouden, bomen omzagen, haardhout maken en andere werkzaamheden die zich voordoen.’

‘Een baan in de gehandicaptenzorg is het mooiste wat er is’

Afwisseling

‘Geen dag is hetzelfde. Ik weet ’s morgens nooit hoe de rest van de dag eruit gaat zien. We zien het wel. De dynamiek in de groep is iedere dag weer anders. Soms hebben we te maken met agressie. Dat overkomt de bewoners nu eenmaal zo nu en dan. Dat proberen we zo goed mogelijk op te vangen en ja, dan belanden we weleens tegen een boom of tegen de grond, maar daarna gaan we weer door met het programma. Vaak is zo’n situatie met vijf minuten weer onder controle. We laten natuurlijk wel weten dat het niet oké is wat er gebeurt, maar het heeft geen zin om kwaad te worden of een hele preek te houden. Met een kind van 2 of 3 jaar ga je immers ook niet een heel gesprek aan. Als we zien dat een bewoner spanning opbouwt, proberen we dat te doorbreken door even een rondje te wandelen of muziek te luisteren.’

‘Passie’

Annelies: ‘Het woord ‘passie’ vind ik nogal afgezaagd, maar dit is wel wat ik leuk vind. Wat ik graag doe. Het is zó mooi om te zien hoe bewoners die, als ze hier binnenkomen amper praten en alleen maar boterhammen met pindakaas eten, na een jaar steeds meer zijn gaan praten, brood met worst eten en bomen omzagen. Dat geeft enorm veel voldoening. Of een bewoner die ineens vol bewondering zegt dat ik de enige vrouw in zijn leven ben, en daarmee op zijn manier laat weten dat hij heel blij is. Dat vind ik geweldig! Dan heb ik mijn doel bereikt. Daar doe ik het voor.’

Doelgroep

Aan stoppen of een andere baan wil de 35-jarige activiteitenbegeleidster dan ook beslist niet denken. ‘Nee, ik wil dit werk absoluut blijven doen, maar ik ben me er wel van bewust dat ik deze fysieke inspanning niet nog twintig jaar ga volhouden. Nu gaat het nog prima hoor, maar in de toekomst zou een andere groep, bijvoorbeeld met jonge kinderen, misschien beter bij me passen. Dat is ook het mooie van de gehandicaptenzorg: er is voor elk wat wils. Voor iedereen is er een doelgroep waarmee je aansluiting vindt.’

Welkom

‘Ik hoop dat mijn verhaal ertoe bijdraagt, dat meer mensen geïnteresseerd raken in dit vak, want in de gehandicaptenzorg kunnen we altijd meer mensen gebruiken. Je bent van harte welkom om eens te komen kijken. Onze bewoners zien er dan misschien wel wat anders uit of ze vertonen ander gedrag, maar het zijn ook gewoon mensen. Mensen met een leerdoel waarmee je een heel leuke dag kunt hebben. Het is echt ontzettend mooi werk. Je kunt echt iets betekenen in het leven van een ander’, eindigt Annelies haar verhaal.

Datum: 17 februari 2022